Kunstlokaal.jouwweb.nl
INTRODUKTIE » kunstgeschiedenis » neo-classisisme/barok/rococo

Neoclassicisme

Beeldende Kunst (eind 18e eeuw  en het begin van de 19e eeuw )gebaseerd op de Klassieke Cultuur. (de oude Griekse en Romeinse Kunst)

Nadat Herculanem en Pompeï bij opgravingen de belangstelling voor de oudheid had doen opleven, vormde de kunst van de oude Grieken en Romeinen een grote inspiratiebron.

Het daaruit ontstane Classicisme (waarbij rust en harmonie beschouwd worden als essentie van het schone)  is de basis voor de Klassieke ook wel Academische Kunst .

De thema's zijn meestal moralistisch en heroïsch van aard.

Geordende composities-- rustige kleuren-- historische voorstellingen----portretten, zijn kenmerkend voor deze stijl.

.

 

canova

De barok ( 17e eeuw tot in de eerste helft van de 18e eeuw)

 

De Barok ontstond in Italië.

Kunst uit de barok is namelijk theater; drama, beweging en emotie.

Of het nu om architectuur, beeldhouwkunst of schilderkunst gaat---er wordt een beroep gedaan op  gevoel --- het beeld/de voorstelling moet het hart raken.

Het woord barok komt van het Portugese barroco, wat 'onregelmatig gevormde parel' betekent. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen vroeg-, hoog- en laatbarok (Rococo)

 

In de barok worden we aangesproken op de emotie door dynamische/a-symmetrische composities soms met een sterk licht - donker contrast en veel bewegende lijnen.

 

 

Rococo (1720-1775)

Rocaille  is een a-symmetrisch schelpmotief wat vaak als versiering in de Barokstijl gebruikt werd.

De Rococo komt voort (als een overdrijving in stijlvorm) uit de Barok

Kenmerkend voor het rococo is de asymmetrie

De nadruk ligt op elegantie en een lieflijk en luchtige karakter van de voorstellingen.

Door het kleurgebruik  van zachte tinten (met veel gebruik van pastel) hebben

de voorstellingen een overheersend luchtig karakter.